Alkmaar naar Menton – Natuurschoon, Marmotten, Skigebied, weerzien Martial – dag 64 – van Landry naar Tignes

Terwijl ik dit schrijf, zit ik met mijn donzen jas in mijn slaapzak. Het is koud op de blauwe piste van Tignes. Maar laat ik bij het begin van de dag beginnen.

Ik werd wakker op de camping waar het gisteravond nog gezellig was geweest. Gelukkig keerde de rust rond middernacht terug. Samen met het Franse stel waar ik al eerder mee optrok, ontbeet ik aan een picknicktafel. Daarna liep ik nog even langs de supermarkt voor een kleine boodschap. Het doel van vandaag: het dal helemaal uitlopen – of beter gezegd, inlopen, want ik ging omhoog – en bij een refuge bivakkeren. In dit natuurgebied mag je namelijk niet zomaar kamperen.

Op gang komen

De klim begon meteen prachtig: smalle paadjes, beekjes en overal natuur. Mijn knie protesteerde, dus ik koos voor kleine, beheerste stapjes. Na een uur kreeg mijn lijf meer vertrouwen en ging het eigenlijk prima. Afdalen blijft nog pijnlijk, maar ook daar werkt stapje-voor-stapje. Rond het middaguur at ik mijn laatste stuk bruin brood en viel ter plekke in slaap. Toen ik wakker werd, lag ik half naast mijn zitmatje, mijn shirt nat van de grond, distels in mijn zij en kippenvel omdat ik in de schaduw lag. Tijdens het dutje had dat niets uitgemaakt – mooi hoe mijn lichaam dan kiest voor rust boven comfort.

Leven in het dal

De zon warmde me weer op en ik liep verder langs gletsjerrivieren en beekjes met glashelder water. De natuur vierde feest: insecten, vogels en overal groen. Mensen genoten net zo: gezinnen plukten frambozen langs de paden. Omdat het druk was, week ik uit naar het ezelspad – of eigenlijk: muilezels. Gezinnen huren ze in het dal om hun spullen te dragen. Deze dieren bleken een stuk gehoorzamer dan de koppige ezels die ik eerder had gezien.

Rondom torenden bergpieken van 3400 en zelfs 3700 meter hoog. Wolken gleden langs de toppen en gaven me dat heerlijke gevoel van nietigheid. Boven aangekomen zag ik een indrukwekkende waterval en daarna een groot meer. Even later verscheen de refuge, een voormalige boerderij met zonnepanelen en een douche. Ik boekte een plekje op het bivakkeerveld en liet mijn tent wapperen om te drogen.

Te vroeg om te stoppen

Maar het was pas 15 uur, en ik had nog maar 17 kilometer gelopen. Je voelt hem al aankomen: ik pakte mijn spullen opnieuw in en besloot door te lopen naar de volgende refuge. Onderweg zag ik talloze marmotten. Heerlijke, speelse beestjes die in hun burchten wonen. Als ze schrikken maken ze een schel geluid, bijna als een gil. Ik kon er een paar fotograferen en filmen – aandoenlijke dieren om te zien.

Bij een meer trof ik een politieagent-achtig figuur in uniform, liggend met een verrekijker. Toen ik in zijn kijkrichting keek, zag ik zwemmers aan de overkant. Zodra hij merkte dat ik hem had opgemerkt, keek hij snel weg. Ach, zijn interesse lag duidelijk bij het natuurlijk schoon. Hij herinnerde me eraan dat bivakkeren alleen bij refuges mag, of net over de berg.

Grind en weerzien

Dus klom ik verder omhoog, langs een kleurrijk versierde refuge die vol zat, en daarna door naar de oversteek. Het contrast was enorm: waar het dal groen en levendig was, lag hier een uitgestrekt grindlandschap. Onherbergzaam, met wind en donkere wolken die zich samenpakten. Overal stonden tentjes. Eén viel me direct op: Martial. Door mijn rustdag en omweg had hij me ingehaald. Het weerzien was warm en vertrouwd. Hij had een halve maan van stenen gebouwd om zijn bivak tegen de wind te beschermen.

Afzakken naar Tignes

Ik besloot nog wat verder af te dalen. Hoog slapen gaat me niet goed af; ik rust beter lager. Over blauwe pistes liep ik naar beneden, terwijl trailrunners me voorbij snelden. Net voordat Tignes en Val Claret zichtbaar werden, koos ik een weide bij de skiliften. Niet idyllisch, maar de bergen om me heen maakten alles goed – en ik lag recht.

’s Avonds videobelde ik met thuis, waar ze net aan tafel zaten. Ik schoof virtueel aan – een groot geluksmoment. Daarna kroop ik vroeg mijn slaapzak in. De nacht zou fris worden, met wat wind en veel condens. Morgen wijk ik van de GR5 af: op aanraden van kenners volg ik de GR55 dwars door het natuurgebied. Daarmee sla ik twee etappedagen langs skidorpen over en ruil ze in voor een natuurgebied. Een uitstekende deal, lijkt me.

Gerelateerde berichten